De mogelijkheden van een verbonden wereld: Sensoren en Internet of Things

Beeld je eens een wereld in waar alles met elkaar verbonden is. Wanneer je in je auto stapt om terug van het werk te rijden, springt je verwarming thuis al aan. Wanneer je opstaat, gaan de lichten automatisch aan en wordt er al koffie voor je gezet. Dit is een wereld waar we ons langzaamaan beginnen in te vinden. De wereld van sensoren en Internet of Things.

Sensoren bestaan natuurlijk al een heel lange tijd en in verschillende vormen, zoals bewegingssensoren of parkeersensoren op auto’s. Maar de laatste tijd is er een heuse opkomst op het vlak van sensoren in combinatie met IoT. We zijn zelfs al zo ver dat men vandaag niet meer over Internet of Things spreekt, maar over Internet of Everything.

Opkomst van “Internet of Things”

Het is moeilijk om de precieze opkomst van IoT te bepalen. In Europa verscheen het internet in 1982 met EUnet. Maar met alleen internet spreken we natuurlijk nog niet van IoT. In de vroegste stadia van het internet werd het alleen maar gebruikt om te communiceren tussen universiteiten. In 1990 begon EUnet met de verkoop van internet aan het grote publiek. De jaren erna begon het internet aan een enorme groei en werd het alsmaar belangrijker. Al tijdens de eeuwwisseling was het internet voor velen niet meer weg te denken uit het dagelijkse leven.²²

Vandaag zijn we nog eens 17 jaar later en is het internet toegankelijk voor bijna iedereen en een noodzaak in een steeds veranderende wereld. Tegenwoordig bevinden we ons in een heuse bloei van technologische ontwikkeling, zelfs ‘the sky’ is al een hele lange tijd niet meer de limiet. Mensen proberen te innoveren op wat al bestaat en te ontwikkelen wat nog niet bestaat. Noem iets en iemand zal al aan het proberen zijn om het te ontwikkelen. IoT is dan ook eigenlijk gewoon een verzamelbegrip van technologische ontwikkelingen om de wereld en de mensen nog meer met elkaar te verbinden. Dit kan op klein vlak gebeuren, zoals één enkel huishouden, maar ook op groot vlak, zoals een heel land of zelfs heel onze planeet. Het internet was de eerste belangrijke stap om deze verbondenheid waar te maken. Het Internet of Things is de volgende stap: de droom is om alle apparaten met elkaar te verbinden, van smartphones tot computers en zelfs pacemakers. Is het een elektronisch apparaat, dan kan het verbonden worden.

Over de vraag of dit allemaal wel moreel juist is, zullen we het later nog hebben.

Een duidelijk voorbeeld van IoT is de slimme stad. Een concept dat in veel belangrijke en innoverende steden opkomt: van Londen tot Singapore en zelfs van Antwerpen tot Gent. Het doel van een slimme stad is voornamelijk om een innoverende en aangename omgeving voor inwoners en bezoekers te creëren. Voor de technologische innovatie is IoT zeer belangrijk. Een stad is sowieso al een zeer verbonden omgeving. Politiekantoren, ziekenhuizen en brandweerkazernes moeten nauw met elkaar samenwerken. De slimme stad gaat hier nog verder: zij wil een heel netwerk van geconnecteerde personen en apparaten.

Wat hebben sensoren met IoT te maken?

Eerst en vooral, wat zijn sensoren juist? Net zoals een mens zintuigen heeft om te voelen, ruiken, zien, enzovoort, kan een apparaat sensoren hebben om dezelfde dingen te doen en zelfs nog meer dan een mens kan. Een sensor is dan ook meestal een soort elektronische of mechanische chip die informatie verzamelt. Aan de hand van de informatie die hij verzamelt kan een proces in gang worden gezet. Bijvoorbeeld, een sensor meet dat de temperatuur kouder wordt en daardoor springt de verwarming aan.

Bij sensoren denken we misschien niet onmiddellijk aan IoT, maar toch is er een zeer logische connectie tussen sensoren en de wereld van IoT.

Sensoren zullen hoogstwaarschijnlijk een zeer belangrijke rol gaan spelen in veel IoT-toepassingen. Nu al werken tal van bedrijven met sensoren en proberen ze nog meer om sensoren te integreren in hun bedrijfstoepassingen. Bedrijven zoals De Lijn en NMBS experimenteren al even met de toepassingen van sensoren om bijvoorbeeld het aantal opstappende reizigers gemakkelijk te kunnen tellen.

Door die sensoren te integreren in het straatbeeld van steden kunnen er verschillende toepassingen ontstaan. Sensoren worden bijvoorbeeld gebruikt om te checken of er nog parkeerplaatsen vrij zijn. Maar het aantal mogelijke toepassingen is ondenkbaar. Sensoren kunnen de luchtvochtigheid meten om dan aan iedereen te melden of het gaat regenen of niet. Ze kunnen de drukte meten in een straat of winkel en je direct melden of de kleding die je wilt kopen nog in voorraad is. De technologie van sensoren is sinds de laatste jaren sterk ontwikkeld. Sensoren zullen waarschijnlijk zo geavanceerd worden dat robots met Artificiële Intelligentie ze zullen kunnen gebruiken om dezelfde zintuigen te hebben als een mens maar van die realiteit zijn we natuurlijk nog even verwijderd.

Nu gaat de nadruk van de ontwikkeling vooral naar het optimaliseren van sensoren en het ontwikkelen van nieuwe toepassingen ervoor. Net zoals er ieder jaar een nieuwe smartphone op de markt komt met nieuwe mogelijke toepassingen, zullen sensoren ook andere toepassingen krijgen. Ook zullen ze steeds kleiner en gebruiksvriendelijker worden gemaakt, zodat ze gemakkelijk overal geïntegreerd kunnen worden zonder extra plaats in te nemen.

Hoe ziet de verbonden wereld er uit?

Is de verbonden wereld een toekomstvisie zoals vliegende auto’s of kolonies op Mars? Dat zeker en vast niet. Het is eerder een technologische evolutie, net zoals computers en het internet dat waren. Een evolutie die volop op gang is en waar we ook middenin zitten. De verbonden wereld is de wereld van smart buildings, smart cities en smart countries.Het is te vergelijken met het feit dat voor velen het internet niet meer weg te denken is. Zo zal IoT ook niet meer weg te denken zijn uit het leven. Het betekent natuurlijk niet dat het leven voor iedereen en overal drastisch zal veranderen. De impact zal eerst het grootste zijn in de grotere steden. Technologie zal worden geïntegreerd in het stadsbeeld en moet het leven erin aangenamer maken. De stad kan hierdoor ook efficiënter werken en uiteindelijk zullen steden zelfs kunnen samenwerken met deze technologieën. Een verbonden wereld gaat namelijk niet alleen over het verbinden van mensen, maar over het verbinden van alles en iedereen, wat de uiteindelijke en laatste stap moet worden.

©Shutterstock

Omdat we nog niet willen filosoferen over hoe de wereld er precies zal uitzien binnen 50 jaar, zullen we het hebben over wat de verbonden wereld binnenkort voor de gewone burgers zal betekenen. Deze evolutie zal vrij natuurlijk gebeuren en de meeste mensen zullen het beleven en niet beïnvloeden. Dit wil zeggen dat het langzaamaan zal gebeuren verspreid over de komende jaren. Omdat het over grote projecten gaat, zullen het vooral bedrijven zijn die de grootste impact zullen hebben en de meeste beslissingen zullen nemen. Burgers zullen enkel een indirecte impact hebben op hoe bedrijven en overheden omgaan met deze technologie. Het zou voor burgers een aangename ervaring moeten zijn om in de slimme stad te lopen of leven.

Projecten met sensoren in België

In heel de wereld is men bezig met het integreren van sensoren in tal van toepassingen. Maar als Belgen zullen we ons natuurlijk vooral focussen op die toepassingen en projecten die effect zullen hebben op ons. België heeft tal van innovatieve steden, bedrijven en individuen. Steden zoals Antwerpen, Gent, Kortrijk, Brussel, enzovoort proberen steeds mee te gaan met de technologische vooruitgang van deze tijd en zien zichzelf als de voortrekkers van de slimme stad binnen België en in kleinere mate binnen heel Europa. Antwerpen is begin 2017 begonnen met het plaatsen van honderden sensoren in de stad. Het gaat over het plaatsen van sensoren in gebouwen, straten, pleinen en objecten. Bijvoorbeeld het plaatsen van sensoren in vuilnisbakken zodat men weet wanneer men deze moet leegmaken. Zij noemen het project City of Things. Het netwerk van sensoren zou er voor moeten zorgen dat de stad en bedrijven de data kunnen gebruiken om betere beslissingen te nemen en nog beter aan innovatie te doen. Antwerpen wil zelfs uiteindelijk uitgroeien tot ‘de grootste Europese proeftuin voor Internet of Things toepassingen’. ‘Een slimme stad zal het leven, wonen en werken aangenamer maken voor bewoners, bezoekers en bedrijven. Privacy en veiligheid zijn daarbij uiteraard van groot belang.’ Verklaart Antwerpen. Dit is een duidelijk standpunt dat de kern moet zijn voor het ontwikkelen van IoT-toepassingen.

Natuurlijk is niet alleen Antwerpen als slimme stad voldoende voor heel België. De Vlaamse minister van Economie, Philippe Muyrters, wil nu het City of Things project doortrekken over heel Vlaanderen. Elke Vlaamse gemeente heeft tot januari 2018 tijd om een project in te dienen. Voor de projecten die uiteindelijk zullen worden geselecteerd, heeft de Vlaamse regering 4 miljoen euro voorzien voor hun ontwikkeling. Ze hopen zo om van heel Vlaanderen een slimme regio te maken.

Projecten met sensoren in Mechelen

Naast België moeten we natuurlijk ook even focussen op de stad Mechelen. De stad waar onze school, Thomas More, en studierichting, Informatiemanagement & Security, zich bevindt en waar het project ‘Wanna go Data?’ werd opgericht. Mechelen streeft ernaar om een innovatieve en technologische studentenstad te zijn. Het is misschien niet zo een grote studentenstad als Antwerpen, Leuven of Gent, maar toch is het een thuis voor vele studenten. Naast tal van trekpleisters zoals het domein de Nekker, de Nekkerhal, de winkelstraat, Technopolis en nog veel meer, heeft Mechelen ook tal van lopende en geplande projecten om een slimme stad binnen België te worden.

Vorig jaar liet een Mechels bedrijf chips inplanten bij hun medewerkers zodat deuren konden worden geopend zonder een badge of sleutel nodig te hebben. Velen kijken huiverachtig naar dit soort toepassingen, maar volgens het bedrijf zal dit later de toekomst zijn. Ze kaarten dan ook een aantal toepassingen aan van de chip; zo kan je als je een smartphone tegen de chip houdt onmiddelijk je informatie doorgeven aan anderen zonder een kaartje nodig te hebben. Ook hebben ze een scherm en laser in hun kantoor geplaatst. Wie zijn hand onder deze laser houdt, krijgt onmiddelijk de verkeersinformatie op het scherm te zien die voor hem van toepassing is. Dit is een goed voorbeeld van hoe dit soort technologie zou kunnen gebruikt worden binnen bedrijven om het leven van werknemers aangenamer te maken. Het is heel waarschijnlijk dat we nog meer zullen horen over dit soort innovatieve technologische ontwikkelingen binnen bedrijven in de komende jaren. Een ander leuk project van Mechelen, voor zij die geïnteresseerd zijn, is de website virtueelmechelen.be. Via deze website kan je de interessantste en leukste plaatsen in Mechelen virtueel bezoeken. Als je een VR-bril hebt, kan je dit zelfs in Virtual Reality beleven.

Sociale aspect

©Shutterstock

Een thema waar minder vaak over wordt gesproken is de impact van sensoren en IoT op de sociale kant van de samenleving. Wat kan deze evolutie betekenen voor de communicatie tussen mensen. Vaak wordt nu al gesproken dat het internet een asociale plek is omdat we niet rechtstreeks met anderen praten. Kan de verbonden wereld misschien een tegengesteld effect hebben en ervoor zorgen dat we minder verbonden zullen zijn met de mensen rond ons. Er is weinig twijfel over dat met introducties van dingen zoals Artificiële intelligentie menselijk contact minder zal worden. Er zullen meer jobs komen waar mensen kunnen worden vervangen door machines. Sensoren en IoT zullen ook mensen vervangen in tal van jobs zoals bijvoorbeeld winkelbediende, obers en misschien zullen zelfs taxichauffeurs vervangen worden door de zelfrijdende auto. Waar ligt nog de persoonlijke interactie dan. Waarom praten als je van overal kan chatten.

Naast communicatie kan de verbonden wereld ook zorgen voor een nog grotere generatiekloof. De oudere generaties zijn niet opgegroeid met technologie zoals het internet. Hoe meer en hoe sneller technologische ontwikkelingen komen, hoe moeilijker het is voor oudere mensen om nog mee te zijn. Voor de jongere generatie zal deze verandering gemakkelijker zijn omdat zij hier mee opgroeien. Zorgen voor een goede integratie is daarom zeer belangrijk. We moeten er voor zorgen dat mensen mee zijn met deze technologie en niet achterwege worden gelaten.

Privacy

We hebben het gehad over hoe sensoren en IoT het leven aangenamer, sneller en beter kunnen maken voor mensen, maar hoe zit het met het ethische vraagstuk. Voor elke keer dat je jezelf vraagt; ‘kan ik het doen?’, moet je jezelf ook afvragen; ‘zou ik het doen?’. Als alles en iedereen altijd met elkaar verbonden is, bestaat er dan zelfs nog zoiets als privacy. Voorlopig gebeuren de meeste projecten nog op kleinschalige basis of zonder gebruik van persoonsgegevens, dus is er voor de privacy geen al te groot gevaar aanwezig. Maar er zal een moment zijn waar producenten en consumenten zich zullen moeten afvragen wat nu belangrijker is, innovatie en verbondenheid of privacy. De invoering van de nieuwe Europese wetgeving rond privacy, The General Data Protection Regulation (GDPR) in de kwam er ook na de vraag; ‘Wat zijn de rechten van consumenten en verplichtingen van producenten omtrent de privacy?’.

De GDPR is nog niet van toepassing en toch zou het binnenkort al kunnen dat deze verouderd geraakt. Data van sensoren die geanonimiseerd is, zoals het tellen van het aantal reizigers, speelt het veilig omtrent de privacy. Veel mensen zijn waarschijnlijk ook gewoon tegen het integreren van sensoren in de stad. Het is gemakkelijk voor hen om te beslissen om de gebruiksvoorwaarden niet te accepteren of geen smartphone te kopen, maar wegblijven uit steden is natuurlijk een onmogelijke zaak. Moeten we IoT- en sensor-toepassingen wijzigen of zelfs schrappen omdat een groep mensen er tegen is? Dat natuurlijk ook weer niet. Het vinden van de juiste balans tussen innovatie en privacy waar mensen zich comfortabel mee voelen moet genoeg zijn. De opmars van IoT stopzetten gaat niet, omdat deze momenteel al volop bezig is. Voorlopig is het zo dat zolang de rechten van personen niet worden geschonden en men duidelijk is over de data die men bijhoudt en hoe men die gebruikt, er geen concreet gevaar is voor de privacy.

Security

Daarnaast is er ook nog de security. Er moet gezorgd worden dat deze technologieën beveiligd zijn tegen hacking en dergelijke. Iets dat signalen uitzendt, kan gehackt worden, zo ook een sensor. Als het dan om gevoelige data gaat, creëert dit een zeer gevaarlijke situatie. De oplossing is ervoor te zorgen dat er genoeg maatregelen zijn genomen om deze data te beschermen. De data moet veilig worden verstuurd en opgeslagen. IoT is heel gevoelig aan hacken. Als iedereen met elkaar verbonden is, wilt dat zeggen dat hackers hier ook tussen zitten. Als deze gevoelige data dus niet genoeg beschermd is, kunnen hackers met foute bedoelingen hier heel gemakkelijk aan. Daarnaast zijn er nog de sensoren zelf. Als een sensor op een publieke plaats staat, kan men zich hier niet al te moeilijk toegang toe verschaffen. Men mag dus niet zomaar onvoorzichtig omspringen met het plaatsen en gebruik van sensoren. Het is vooral belangrijk net zoals bij de privacy, dat de producent zich er voldoende van bewust is wat de gevaren zijn en hiervoor maatregelen treft.

Conclusie

De verbonden wereld is een realiteit die dichter en dichter aan het komen is. Zowel hier als in al de rest van de wereld. Het is een realiteit die zowel positieve als negatieve dingen met zich meebrengt. Hoe sneller we ons erop voorbereiden, hoe gemakkelijker de veranderingen zullen zijn. Daarbij moeten we nooit de rechten van mensen vergeten, zoals privacy. Technologie moet mensen dienen en niet andersom. Een mens is meer dan alleen de data in een systeem en we moeten hier veilig mee omspringen. Desondanks geloof ik dat sensoren en IoT aangename en zinvolle toepassingen kunnen worden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.